Logo Vlaams Belang
 2006
 Gemeente- en provincieraadsverkiezingen
  PROGRAMMA
9. SOCIALE ZAKEN

Armoedebestrijding

Voor een welvarend land telt Vlaanderen nog steeds te veel armen. In 2003 nam het aantal mensen dat van een leefloon moest rondkomen met pakweg 15% toe. En dat onder een socialistisch bewind! In ons land leven nu naar schatting 400.000 mensen onder de armoedegrens van 11.000 euro per jaar. Zij moeten rondkomen met minder dan 60% van het gemiddelde inkomen. In Vlaanderen gaat het om 13% van de bevolking. Dan is er nog een groep van 20% ‘bestaansonzekeren.’

Even verontrustend is de toename van de schuldenlast. Na een onafgebroken daling in de tweede helft van de jaren negentig neemt het aantal openstaande schulden opnieuw toe, vooral bij jongeren beneden de 25 jaar en bij bejaarden.

Een politiek ter bestrijding van de armoede moet mensen uit de armoede halen en houden en moet er ook voor zorgen dat bestaansonzekeren niet onder de armoedegrens vallen. Deze tweede groep mag dus niet vergeten worden. De overheid neemt op dit ogenblik initiatieven die onsamenhangend zijn. Armen een aalmoes toesteken kan niet de bedoeling zijn; men moet hen permanent uit de armoede houden. De overheid moet armoede eerst opsporen, de armen begeleiden en hen een bestaansminimum geven. Ze moet hen vooral ook scholingsmogelijkheden aanbieden, zodat ze niet permanent afhankelijk zijn van dat bestaansminimum, maar zich kunnen voorbereiden op de arbeidsmarkt.

Dit alles veronderstelt dat de overheid de beschikbare fondsen correct gebruikt en niet aan ideologische zelfbevrediging verspilt. En vanzelfsprekend mogen financiën die beschikbaar zijn voor bijvoorbeeld het OCMW niet gebruikt worden voor individuele geschenkjes, zoals het verlengen van abonnementen en dergelijke.


Sociaal loket

Sociale hulpverlening is tot op de dag van vandaag gepolitiseerd. Bovendien is ze verdeeld over twee besturen die naast elkaar werken: de gemeente en het OCMW. Dat is niet altijd efficiënt. Een sociaal loket per stad, gemeente of wijk moet een aantal verzekeringen beter toegankelijk maken voor ieder die er recht op heeft. Het sociaal loket ondersteunt het proactieve gezondheidsbeleid van de overheid. Als aanspreek- en informatiepunt maakt het de lokale bevolking spontaan attent op hun (financiële) rechten inzake gezondheidszorg. Laagdrempelige toegang is een belangrijk succescriterium voor een hoogstaande, kwalitatieve gezondheidszorg voor alle inwoners van Vlaanderen. Daar moet de burger terechtkunnen voor de behandeling van alle sociale dossiers en voor de uitbetaling van werkloosheidsvergoedingen, pensioenen en andere uitkeringen.


Huisvesting

Het Vlaams Belang is het eigendomsbeginsel erg genegen. Daarom is het Vlaams Belang van mening is dat de Vlamingen zoveel mogelijk in de gelegenheid moeten worden gesteld hun woning in eigendom te verwerven. Een stelsel van zo laag mogelijke successierechten en verlaagde rentevoeten voor grote gezinnen en minder bemiddelden kan hiertoe bijdragen. Het Vlaams Belang heeft herhaalde malen voorgesteld om de successierechten in rechte lijn tussen echtgenoten volledig af te schaffen.

In een periode dat betaalbare bouwgrond schaars is en de prijzen op de woningmarkt nog steeds stijgen door een strengere ruimtelijke ordeningspolitiek en de instroom van buitenlandse kapitaalkrachtigen, moet een rechtvaardige eigendomspolitiek de Vlamingen beschermen en in staat stellen aan redelijke prijzen onroerende eigendom te verwerven.

Anderzijds moet de overheid rekening houden met het feit dat verschillende Vlamingen om uiteenlopende redenen geen eigendom wensen te verwerven en de huursector zullen blijven aanspreken. In een samenleving die op evenwichtige wijze de belangen van zowel huurder als verhuurder wil beschermen, moeten basisregels de huurder beschermen tegen mogelijke willekeur qua prijszetting en duurtijd van de huurovereenkomst en tegelijk minimumkwaliteitsnormen van de aangeboden woongelegenheid vastleggen. Het spreekt voor zich dat deze reglementen ook de eigenaar beschermen tegen wanbetaling en verwaarlozing van het verhuurde goed.

Ondanks een aantal inspanningen heeft de vorige Vlaamse regering onder leiding van Patrick Dewael en Bart Somers (VLD) de belofte van 15.000 nieuwe sociale woningen niet kunnen waarmaken. De wachtlijsten van kandidaten zijn nog steeds verschrikkelijk lang. In het kader van het algemeen behoorlijk bestuur is het Vlaams Belang voorstander van privaat-publieke samenwerking (PPS) in de sociale woningbouw. PPS maakt het mogelijk duidelijke resultaatsverbintenissen in te schrijven in huisvestingsbeleid. Samenwerking met een private partner betekent in regel een zakelijke en a-politieke benadering van projecten ten behoeve van het algemeen nut.

Het Vlaams Belang pleit voor een volledige depolitisering van de sociale huisvestingssector. De sociale huursector moet helemaal in handen van het Vlaams Gewest komen. Alle huisvestingsmaatschappijen moeten fusioneren tot één Vlaamse Woningmaatschappij, met aan het hoofd een gedepolitiseerd bestuur en onder rechtstreekse controle van het Vlaams Parlement. Deze Vlaamse Woningmaatschappij voert een evenwichtige spreidingspolitiek over gans Vlaanderen, waakt erover dat de sociale woningbouw niet ontaardt in ‘betonnen-dozenarchitectuur’ en drukt met overheidssubsidies uit de pan swingende huurprijzen. De huurders verkiezen rechtstreeks huurdervertegenwoordigers in het bestuur van de maatschappij. De huurders kunnen zich gemeentelijk of per woongelegenheid organiseren om de Vlaamse Woningmaatschappij te adviseren.

De gemeente moet bouwrijpe gronden ter beschikking stellen om de huurprijzen te drukken. Bij het toewijzingsbeleid zijn wij van mening dat verzoekers die al op een of andere manier een band hebben met de gemeente recht hebben op voorrang.

Het Vlaams Belang opteert voor eerder kleinschalige woningbouwprojecten, waarbij gestreefd wordt naar een optimale sociale mix en waar bewoners met diverse financiële draagkracht kunnen samenleven. De prijzen moeten dus binnen een ruime marge liggen, ten bate van de sociale mix van de bewoners. Gettovorming is in elk geval te vermijden. Het toewijzingsbeleid zal daarom rekening moeten houden met het profiel van de huurders. Het spreekt voor zich dat dit tevens betekent dat kennis van het Nederlands een noodzakelijke voorwaarde is om aanspraak te kunnen maken op een sociale woning.
Het Vlaams Belang stelt verder vast dat het huidige beleid inzake leegstand en verkrotting heeft gefaald. Bewijs van de mislukking zijn de vele gerechtelijke procedures. Het Vlaams Belang pleit er daarom voor dat de gemeenten opnieuw leegstand en verkrotting zouden aanpakken. De Vlaamse Wooninspectie moet meer mankracht krijgen om huisjesmelkerij aan te pakken.

Tot slot wensen wij een lans te breken voor maatregelen die het zogenaamde ‘zorgwonen’ of ‘kangoeroewonen’ kunnen veralgemenen. Zorgwonen is bedoeld voor mensen die hun zorgbehoevende ouders of andere familieleden opvangen in hun huis of in een kleine aanbouw bij hun huis. Het splitsen van een klassieke eengezinswoning in een hoofd- en een bijwoning, maar tevens het bouwen van een bijwoning moet kunnen, op voorwaarde dat het binnen de geldende oppervlakte- en volumenormen gebeurt.


Gezin

Het Vlaams Belang is een uitgesproken gezinspartij. Als hoeksteen van de samenleving zorgt het gezin voor zekerheid, geborgenheid en de opvoeding van de kinderen. Gezinnen vormen de band van solidariteit tussen de generaties, tussen het verleden en de toekomst. Zij zijn het beste kader om normen en waarden door te geven. Een gezinsvriendelijk klimaat is dan ook de beste voorwaarde en waarborg voor een gezonde samenleving.

Een efficiënt gezinsbeleid vergt volgens ons de invoering van een gezinseffectenrapport, dat een analyse maakt van de impact van overheidsmaatregelen op het gezin en de politici confronteert met de gevolgen van het beleid voor de gezinnen.

Het Vlaams Belang is voorstander van de invoering en/of verhoging van de gemeentelijke geboortepremie. Hierdoor nemen de gemeenten actief deel aan een geboortepolitiek die ons volk uit de neergaande demografische spiraal kan halen.

Wij herhalen hier ons krachtig pleidooi voor een eigen statuut voor de thuiswerkende ouder. Wij stellen een opvoedersloon voor: de thuiswerkende ouder krijgt - afhankelijk van het aantal kinderen - een uitkering die oploopt tot 140% van de onderbrekingsuitkering die wordt uitbetaald in het kader van het ouderschapsverlof. En het opvoedersloon zou het prangende gebrek aan volwaardige kinderopvang kunnen ondervangen.

Het Vlaams Belang wil dat er snel meer opvangfaciliteiten komen. Wanneer Kind & Gezin de subsidiëring van nieuwe initiatieven of uitbreiding van bestaande kinderopvangcentra weigert omwille van budgettaire redenen, dienen de gemeentebesturen zelf particuliere opvanginstellingen in te richten.

De gemeente moet, gesteund door de overheid, ook meer en betere mogelijkheden voorzien voor buitenschoolse- en a-typische kinderopvang, dus tijdens weekeindes, vakanties, ’s nachts en in crisissituaties. In de vakantie- of weekeindeperiodes moeten gezinnen zich vaak behelpen met de goedbedoelde, maar ontoereikende vakantie- en speelpleinwerking van de jeugdsector. Oppas- en opvangmogelijkheden in noodsituaties kunnen voor heel wat gezinnen die niet onmiddellijk bij familie terechtkunnen een echte hulp bieden. Er moet een onderzoek komen naar de mogelijke inbreng van privé-partners (sponsoring, medewerking grote bedrijven enzovoort) in een publiek-private samenwerking omtrent alle vormen van opvang van kinderen.

Bovendien pleit het Vlaams Belang voor de veralgemening van de mantelzorg- of thuiszorgpremie voor personen die zieke of gehandicapte gezins- of familieleden thuis verzorgen. Rekening houdend met de gezinsdraagkracht van de mantelzorger moet deze premie een redelijke vergoeding inhouden. Daarnaast moeten de thuiszorgondersteunende diensten verder uitgebreid worden. Dat geldt vooral voor flexibele oppashulp en centra voor kortverblijf die kunnen inspringen wanneer nodig en die zo een tijdelijke verlichting kunnen betekenen voor de mantelzorgers.


Jeugd

Het spreekt vanzelf dat ook jongeren zich moeten kunnen ontspannen. Het is duidelijk dat de overheid - en dan vooral de gemeenten - hier een belangrijke taak te vervullen hebben. Men mag dit niet volledig overlaten aan de commerciële sector.

Het Vlaams Belang verdedigt de uitbouw van (deel-)gemeentelijke jeugdcentra. De jeugddienst moet bereikbaar zijn buiten de schooluren en dient te beschikken over een polyvalente zaal, die eventueel ook voor fuiven kan dienen. Jeugd- en cultuurverenigingen kunnen er vergaderen, beginnende muziekgroepen kunnen er repeteren en hun instrumenten opslaan. Ook moet het jeugdcentrum kunnen dienstdoen als auditorium, theaterzaal voor plaatselijke harmonies, toneel, kleinkunstenaars enzovoort.

De uitleendienst en de preventiedienst worden best centraal gehuisvest in een gemeentelijk gebouw. Zo’n jeugdcentrum kan tevens beschikken over een wijk- of jeugdbibliotheek en moet foto,- video- en geluidsapparatuur kunnen uitlenen.

Soms wordt de indruk gewekt dat het slecht gaat met de Vlaamse jeugd. Dat is wel een erg simplistische voorstelling van zaken. Een flink deel van de jeugd is nog steeds idealistisch ingesteld. Bewijs daarvan zijn de duizenden Vlaamse jongens en meisjes die zich belangeloos inzetten in een jeugdbeweging, voor het milieu of voor de derde en vierde wereld.

De jeugdraad speelt in de meeste gemeenten (terecht) reeds een belangrijke rol. De samenstelling van de jeugdraad moet objectief gebeuren. Overeenkomstig de Cultuurpactwet moeten alle representatieve jeugdbewegingen en jongerenorganisaties van elke ideologische strekking vertegenwoordigd worden in dit adviesorgaan. Het gemeentebestuur moet de adviezen van de jeugdraad opvolgen of moet een negatief antwoord op een advies ernstig motiveren. De jeugdraad kan een belangrijke rol spelen bij de uitwerking van het gemeentelijk jeugdwerkbeleidsplan. De doelstellingen en prioriteiten van dit plan kunnen enkel beantwoorden aan de werkelijke behoeften en noden van de jeugd, indien die ook werkelijk inspraak krijgt.

Het Vlaams Belang is absoluut voor de ondersteuning van de traditionele jeugdbewegingen die het vooral in de steden vaak moeilijk hebben. Deze vorm van jeugdwerk verdient een degelijke infrastructuur, kampvervoer, inbraak- en vandalismepreventie in de lokalen enzovoort. Waar het nog mogelijk is, moeten bepaalde stroken bos opengesteld worden als speelbossen.

Alle jeugdverenigingen en -bewegingen zijn voor een groot gedeelte afhankelijk van steun vanwege de Vlaamse Gemeenschap én de gemeente, zowel op financieel vlak (subsidies) als op materieel vlak (infrastructuur). De subsidies dienen op een objectieve manier verdeeld te worden aan de hand van duidelijke reglementen. Naast een vaste minimumbijdrage die elke vereniging in staat moet stellen een behoorlijke werking op te starten en te handhaven, dient de steun afhankelijk te zijn van een aantal objectieve criteria, zoals bijvoorbeeld het ledenaantal.

De gemeenten kunnen ook jeugdverenigingen ondersteunen, die zich niet op hun grondgebied bevinden, maar waarvan wel een relatief groot aantal leden uit de gemeente afkomstig is. Wij denken hier aan natuurjeugdverenigingen en jeugdbewegingen met een werking voor mensen met een handicap die in een naburige gemeente gevestigd zijn, maar door de aard van hun werking leden aantrekken vanuit de eigen gemeente.

Voor de kleinsten wenst het Vlaams Belang goed gereglementeerde speelpleintjes - wat inplanting en werking betreft - met veilige speeltuigen in elke wijk, op plaatsen waar voldoende sociale controle mogelijk is.

Tijdens vakantieperiodes kunnen bepaalde verkeersluwe straten eens een dag totaal verkeersvrij gemaakt worden, zodat de jeugddienst animatie en spelen kan voorzien en de kinderen op straat kunnen ravotten. Het Vlaams Belang stelt voor in vakantieperiodes tussen acht uur ’s morgens en zeven uur ’s avonds speelstraten in te voeren onder toezicht van een verzekerde monitor, indien twee derde van de buurtbewoners hier vragende partij voor is.

De gemeente kan in samenwerking met de jeugddienst, de cultuurdienst en de sportdienst een specifiek cultuur- en sportaanbod voor kinderen en scholieren verzorgen. Zo kunnen kinderen op een speelse manier kennis maken met cultuurvormen, zoals theater, film en musical, maar tevens met verschillende sporttakken.

Elke jongere heeft vanaf een zekere leeftijd na de school- of werkweek wel eens de behoefte om zich te ontspannen en uit te gaan, om vrienden te ontmoeten in het plaatselijke café of de discotheek. Door verantwoord uit te gaan, zich te onthouden van alcoholmisbruik en drugsgebruik, vermijden de jongeren vooroordelen over ‘de jeugd van tegenwoordig.’ De café- en discotheekuitbaters kunnen meehelpen bij het vermijden van overlast door de bestaande reglementen na te leven, hun gelegenheid voldoende te isoleren, ruime(-re) parkings aan te leggen, parkeerwachters in dienst te nemen enzovoort. De gemeente blijft uiteindelijk verantwoordelijk voor eventuele ordehandhaving.


Senioren

Onze senioren verdienen waardering en een volwaardige behandeling. Het Vlaams Belang pleit voor een seniorenbeleid dat hen zo veel mogelijk in de gelegenheid stelt thuis te blijven wonen. De overheid moet daarom alle steun geven aan de thuiszorg voor hulpbehoevende bejaarden. Deze mensen moeten zo lang mogelijk zelfstandig in de vertrouwde omgeving kunnen blijven wonen. Het OCMW (de Welzijnsdienst) moet bijzondere aandacht schenken aan thuisverzorging, warme maaltijden, poetsdiensten, waakdiensten enzovoort.

Onveiligheid is een ernstig probleem voor senioren. Er is de onveiligheid thuis, er is de onveiligheid in het verkeer, maar de belangrijkste bedreiging voor senioren is de straatcriminaliteit. Andere politieke partijen noemen dit ‘kleine criminaliteit.’ Senioren zijn al te dikwijls het slachtoffer van diefstal, aanranding, inbraak en oplichting.

Het Vlaams Belang verwacht dan ook dat de gemeenten initiatieven nemen specifiek voor senioren, zoals meer politiepatrouilles in wijken met een hoge criminaliteitsgraad, het opwaarderen van de functie van de wijkagent, het eventueel installeren van de verbindingsofficier bij de politiediensten. In ieder geval vragen wij een intensievere begeleiding en opvang van de oudere slachtoffers van de zogenaamde ‘kleine criminaliteit.’

Naast het algemene probleem van de onveiligheid hebben senioren ook kleine en grote problemen in hun leefomgeving. Senioren moeten zich veilig kunnen verplaatsen. In veel gevallen is er een gebrek aan behoorlijke voetpaden en is de openbare weg ’s avonds onvoldoende verlicht. In sommige, vooral landelijke gemeenten is de verplaatsing met het openbaar vervoer niet vanzelfsprekend. Vaak zijn bus- en/of tramhaltes te ver verwijderd van rusthuizen, ontmoetingscentra enzovoort. De oversteektijd is aan tal van verkeerslichten te kort. Zelfs voor iemand die goed te been is, blijft het soms een hele prestatie om tijdig over te steken. In veel gemeenten is er dringend nood aan goede voet- en fietspaden die duidelijk van elkaar zijn afgebakend.

Ondanks onze principiële keuze voor de thuiszorg, schenken we ook aandacht aan andere verzorgings- en huisvestingsmogelijkheden voor de senioren. Opname in een rusthuis zou voor de senior niet duurder mogen zijn dan de thuiszorg. Nu moeten te veel residenten hun volledig pensioen aanspreken en/of moeten de kinderen mee bijdragen om de verblijfskosten van hun familielid in een rusthuis te kunnen betalen. Zoals ouders de morele plicht hebben voor hun kinderen te zorgen als zij klein en hulpbehoevend zijn, zo hebben kinderen de morele plicht voor hun oude en hulpbehoevende ouders te zorgen. Maar die morele plicht tot familiale solidariteit is nog wel wat anders dan een door de staat opgelegde onderhoudsplicht. Het kan toch niet de bedoeling zijn dat mensen financiële moeilijkheden krijgen, omdat ze de rusthuisfactuur voor hun ouders moeten betalen. Daarom pleit het Vlaams Belang voor de afschaffing van deze verplichting. Openbare rusthuizen moeten betaalbaar blijven voor de modale gepensioneerde.

Gezien de hoge leeftijd van de residenten zijn veel rusthuizen (rusthuizen voor bejaarden, ROB) eigenlijk rust- en verzorgingstehuizen (RVT), ook al hebben ze geen erkenning als RVT. Deze rusthuizen moeten dringend worden erkend als RVT. Op die manier kunnen ze over meer personeel beschikken en kunnen de bejaarden in hun eigen stad of gemeente blijven. In dit kader wil het Vlaams Belang opnieuw een pleidooi houden voor de herwaardering van het verplegend personeel. Veelal moeten zij werken in moeilijke omstandigheden of onder een te hoge werkdruk. De opeenvolgende besparingen in de sector van de sociale zekerheid - en de interregionale geldstromen weg uit Vlaanderen! - zorgen er op vele plaatsen voor dat er een nijpend personeelsgebrek is of dat men nog moeilijk de ideale verzorging kan geven.

Uiteraard kan het Vlaams Belang ook niet voorbijgaan aan de schandelijke taaltoestanden in de Brusselse openbare rusthuizen. In de praktijk kunnen Nederlandstalige senioren in de Brusselse rusthuizen bijna nergens in hun eigen taal terecht. Het Vlaams Belang eist dan ook dat de Vlaamse regering initiatieven neemt zodat ook Nederlandstalige bejaarden op een waardige manier - in hun eigen taal - hun oude dag kunnen doorbrengen in de Brusselse openbare rusthuizen. Het Vlaams Belang dringt er dan ook op aan om bij de bestaande rusthuizen een regelmatige taalcontrole uit te voeren en nieuwe rusthuizen pas dan te erkennen, wanneer zij de taalwetten naleven.


Personen met een handicap

Door een aantal vooroordelen en misverstanden die nog steeds bestaan ten opzichte van sommige handicaps, raken mensen met een handicap moeilijker aan een vaste job. Daarom bepleit het Vlaams Belang dat gemeenten (en andere overheidsdiensten) een aanwervingspolitiek voeren die personen met een handicap een eerlijke kans geeft. Concreet betekent dit dat de kundigheden steeds de doorslag moeten geven en niet mogelijke praktische problemen verbonden aan de aanwerving van een persoon met een handicap.

Alle openbare gebouwen moeten toegankelijk zijn voor rolstoelgebruikers. Het komt nog te vaak voor dat zelfs nieuwe gebouwen met een openbare functie onvoldoende voorzieningen hebben voor andersvaliden.

Voor blinden en slechtzienden moeten strategische oversteekplaatsen en bepaalde (gevaarlijke) verkeerssituaties in het centrum van elke gemeente aangepast worden, zodat zij niet telkens moeten rekenen op hulpvaardige voorbijgangers. Informatie in gemeentehuis en bibliotheek moet eveneens op een aangepaste audiovisuele manier ter beschikking gesteld worden van blinden, slechtzienden, doven en slechthorenden. Het literatuur- en informatieaanbod in braille en op geluidsdrager moet in de bibliotheken verder uitgebreid worden.

Voor hun verdere integratie in onze samenleving moeten mensen met een handicap ten volle gebruik kunnen maken van de traditionele vormen van openbaar vervoer. Dit openbaar vervoer moet voor hen beter toegankelijk worden. Eventuele investeringen voor de opvang en begeleiding in onze stations dienen versneld te worden doorgevoerd. De gemeenten kunnen daarnaast (al dan niet in samenwerking met andere gemeenten) een taxidienst voor personen met een handicap opzetten met specifieke busjes. De dienstverlening moet mogelijk zijn tot middernacht, dus niet enkel tijdens de werkuren. De dienstverlening moet dus beter worden dan degene waarin zogenaamde ‘Handicars’ van het OCMW nu al voorzien.

Elke gemeente zou een inventaris moeten opstellen van bedrijven, winkels, restaurants en andere private instellingen waar mensen met een handicap een vlotte toegang kunnen hebben. Deze lijst, een soort ‘Michelingids voor personen met een handicap,’ wordt best geïntegreerd in de plaatselijke gidsen voor toerisme, gastronomie enzovoort.

Er dient een betere controle op het gebruik van parkeerplaatsen voor mensen met een handicap te gebeuren. Bovendien moeten deze parkeerplaatsen oordeelkundig aangeduid zijn en voldoende groot in aantal. Wie misbruik maakt van deze plaatsen, dient onmiddellijk streng beboet te worden.


Een aantal actiepunten

Het Vlaams Belang pleit voor:

  • een plaatselijk sociaal loket waar men terecht kan voor advies en voor de uitbetaling van werkloosheidsvergoedingen, pensioenen en andere uitkeringen;
  • de invoering of verhoging van een gemeentelijke geboortepremie;
  • de uitbouw van (deel-)gemeentelijke jeugdcentra;
  • het afschaffen van de door de staat opgelegde onderhoudsplicht door kinderen van hun ouders;
  • een ontmoetingsruimte voor senioren in elke (deel-)gemeente;
  • strikte naleving van de taalwetten in Brusselse RVT’s en ziekenhuizen;
  • de toegankelijkheid van alle gemeentelijke openbare gebouwen voor rolstoelgebruikers;
  • aangepaste oversteekplaatsen voor blinden en slechtzienden, in de ganse stad of gemeente;
  • het verzekeren van de mobiliteit van personen met een handicap door middel van specifiek busvervoer, dat de baan op gaat tot middernacht;
  • een gemeentelijke inventaris van alle bedrijven, winkels en restaurants waar mensen met een handicap zonder problemen terechtkunnen.



[Inhoudtafel]
© 2012 Vlaams Belang - Alle rechten voorbehouden 05.02.2012 - 07:08